
Welke hulpmiddelen voor thuis worden vergoed via de WMO?
Via de WMO (Wet maatschappelijke ondersteuning) kun je bij je gemeente hulpmiddelen aanvragen die je helpen om zelfstandig thuis te blijven wonen. Denk aan rolstoelen, scootmobielen, aanpassingen in huis en soms ook huishoudelijke hulp. De gemeente beoordeelt per situatie wat je nodig hebt en of je in aanmerking komt. In dit artikel leggen we uit welke hulpmiddelen vergoed worden, hoe je ze aanvraagt en wat je kunt doen als de gemeente nee zegt.
Welke hulpmiddelen vallen onder de WMO-vergoeding?
De WMO vergoedt hulpmiddelen die je nodig hebt om zelfstandig te kunnen deelnemen aan het dagelijks leven. Het gaat dan om producten die je mobiliteit, zelfredzaamheid of veiligheid thuis ondersteunen. De gemeente beslist per geval, maar een aantal categorieën komt regelmatig in aanmerking.
De meest voorkomende hulpmiddelen die via de WMO vergoed worden, zijn:
- Rolstoelen en scootmobielen voor mensen die moeite hebben met lopen of zich buitenshuis niet goed kunnen verplaatsen
- Woningaanpassingen zoals een traplift, drempeloplossingen, een aangepaste badkamer of een verhoogd toilet
- Loophulpmiddelen zoals een rollator, als dit medisch noodzakelijk is en niet via de zorgverzekering vergoed wordt
- Tilliften of transferhulpmiddelen voor mensen die niet zelfstandig kunnen opstaan of zich kunnen omdraaien
- Aanpassingen in de keuken of slaapkamer die nodig zijn om dagelijkse handelingen zelfstandig te kunnen uitvoeren
Belangrijk om te weten: de WMO is bedoeld als aanvulling op wat je zelf kunt regelen of via andere wegen kunt vergoeden. Als iets al via je zorgverzekering of de AWBZ-opvolger (Wet langdurige zorg) vergoed wordt, valt het buiten de WMO.
Wat valt er juist niet onder de WMO?
De WMO heeft duidelijke grenzen. Hulpmiddelen die al via een andere wet of regeling vergoed worden, vallen er niet onder. Ook producten die als algemeen gebruikelijk worden beschouwd, komen niet in aanmerking voor een WMO-vergoeding.
Wat de gemeente in de meeste gevallen buiten de WMO houdt:
- Loophulpmiddelen zoals wandelstokken en eenvoudige rollators die iedereen zelf kan aanschaffen en die niet specifiek medisch zijn voorgeschreven
- Hulpmiddelen die via de zorgverzekering worden vergoed, zoals bepaalde orthopedische hulpmiddelen of incontinentiemateriaal
- Medische behandelingen of verpleging thuis, die vallen onder de Zorgverzekeringswet of de Wet langdurige zorg
- Producten voor algemeen comfort, zoals een ergonomische stoel of een speciaal matras, tenzij er sprake is van een medische noodzaak die de gemeente erkent
- Tijdelijke hulpmiddelen na een ingreep die je ook zelf kunt huren of aanschaffen, worden soms als algemeen gebruikelijk aangemerkt
De gemeente hanteert het begrip “gebruikelijke voorziening” om te bepalen wat mensen redelijkerwijs zelf kunnen regelen. Dit verschilt per gemeente, dus het loont altijd om navraag te doen.
Hoe vraag je een WMO-hulpmiddel aan bij de gemeente?
Je vraagt een WMO-hulpmiddel aan bij de gemeente waar je woont. Dit doe je via het WMO-loket, dat de meeste gemeenten zowel telefonisch als online bereikbaar hebben. Na je aanvraag volgt een keukentafelgesprek, waarbij een consulent bij je thuis langskomt om je situatie in kaart te brengen.
De stappen op een rij:
- Neem contact op met het WMO-loket van jouw gemeente, via de gemeentewebsite, telefoon of balie
- Beschrijf je situatie en hulpvraag zo concreet mogelijk: wat kun je niet meer zelfstandig doen, en wat heb je nodig?
- Plan een keukentafelgesprek in, waarbij een consulent je situatie beoordeelt en kijkt welke ondersteuning passend is
- Ontvang een beschikking, een officieel besluit van de gemeente waarin staat wat je vergoed krijgt en onder welke voorwaarden
- Kies een leverancier, afhankelijk van de gemeente werk je met gecontracteerde aanbieders of heb je keuzevrijheid
Tip: neem een familielid of mantelzorger mee naar het keukentafelgesprek. Zij kunnen helpen om je situatie goed te beschrijven en zorgen dat er niets vergeten wordt.
Hoe lang duurt een WMO-aanvraag?
De gemeente heeft wettelijk acht weken de tijd om een beslissing te nemen op een WMO-aanvraag. In de praktijk proberen veel gemeenten dit sneller te doen, maar bij complexe situaties of een hoge werkdruk kan het de volledige acht weken duren.
Houd rekening met de volgende factoren die de doorlooptijd beïnvloeden:
- Hoe snel het keukentafelgesprek ingepland kan worden
- Of er aanvullend onderzoek of een medisch advies nodig is
- Hoe druk het WMO-loket van jouw gemeente is
- Of je aanvraag compleet is ingediend met alle benodigde informatie
Als je situatie spoedeisend is, kun je de gemeente vragen om een spoedprocedure. Dit is bijvoorbeeld relevant als je net uit het ziekenhuis komt en direct een aanpassing thuis nodig hebt om veilig thuis te wonen.
Moet je een eigen bijdrage betalen voor WMO-hulpmiddelen?
Ja, voor de meeste WMO-voorzieningen betaal je een eigen bijdrage. Sinds 2019 geldt voor veel WMO-voorzieningen een vaste lage eigen bijdrage via het CAK (Centraal Administratie Kantoor). In 2026 bedraagt deze eigen bijdrage een vast bedrag per periode, ongeacht je inkomen of het type hulpmiddel.
Een paar dingen om te weten over de eigen bijdrage:
- De eigen bijdrage geldt zolang je gebruikmaakt van de voorziening
- Je ontvangt de rekening van het CAK, niet van de gemeente of de leverancier
- Voor sommige groepen, zoals mensen met een minimuminkomen, gelden uitzonderingen of verminderingen
- Woningaanpassingen hebben soms een andere regeling dan het uitlenen van hulpmiddelen
Check altijd bij je gemeente of het CAK wat de actuele eigen bijdrage voor jouw specifieke situatie is, want de regels kunnen per voorziening en gemeente licht verschillen.
Wat als de gemeente je WMO-aanvraag afwijst?
Als de gemeente je aanvraag afwijst, heb je het recht om bezwaar te maken. Dit doe je door binnen zes weken na de afwijzing een bezwaarschrift in te dienen bij de gemeente. De gemeente is dan verplicht je bezwaar opnieuw te beoordelen, vaak door een andere medewerker of commissie.
Zo pak je een bezwaar aan:
- Lees de beschikking goed door en begrijp waarom de gemeente nee zegt
- Dien binnen zes weken een bezwaarschrift in bij de gemeente, schriftelijk of via het online portaal
- Onderbouw je bezwaar met aanvullende informatie, zoals een brief van je huisarts of specialist
- Vraag eventueel om een hoorzitting, waarbij je je situatie mondeling kunt toelichten
- Schakel een cliëntondersteuner in als je hulp nodig hebt bij het formuleren van je bezwaar. Dit is gratis via de gemeente
Wordt het bezwaar ook afgewezen? Dan kun je in beroep gaan bij de rechtbank. Dit is een zwaardere stap, maar soms noodzakelijk als je echt afhankelijk bent van een bepaald hulpmiddel om zelfstandig thuis te kunnen blijven wonen. Een cliëntondersteuner of sociaal raadsman kan je hierbij begeleiden.
Lukt het niet via de WMO, of wil je niet wachten op een beslissing? Dan kun je ook zelf hulpmiddelen aanschaffen of huren. Bij Thuiszorgwinkel vind je een breed assortiment aan hulpmiddelen voor thuis, van loophulpmiddelen tot badkamerhulpmiddelen en woonaanpassingen. Onze specialisten denken graag met je mee over welk hulpmiddel het beste past bij jouw situatie.
Veelgestelde vragen
Kan ik een WMO-hulpmiddel aanvragen als ik nog maar tijdelijk beperkingen heb?
De WMO is in principe bedoeld voor mensen met langdurige of chronische beperkingen. Bij tijdelijke situaties, zoals herstel na een operatie, beschouwt de gemeente het hulpmiddel vaak als ‘algemeen gebruikelijk’ en wordt verwacht dat je het zelf huurt of aanschaft. Heb je toch twijfels? Neem contact op met het WMO-loket; in sommige gevallen maakt de gemeente uitzonderingen als de situatie complex genoeg is.
Wat is een cliëntondersteuner en wanneer schakel ik die in?
Een cliëntondersteuner is een onafhankelijke professional die je gratis helpt bij het aanvragen van WMO-voorzieningen, het voorbereiden van het keukentafelgesprek of het indienen van een bezwaar. Je kunt hem of haar inschakelen zodra je het gevoel hebt dat je er alleen niet uitkomt, of als je de bureaucratie overweldigend vindt. Je kunt een cliëntondersteuner aanvragen via je gemeente of via organisaties zoals MEE of Zorgbelang.
Mag ik zelf kiezen welk merk of model hulpmiddel ik krijg via de WMO?
Dit hangt af van hoe jouw gemeente de WMO heeft ingericht. Veel gemeenten werken met gecontracteerde leveranciers en bieden een beperkt assortiment aan. Wil je een specifiek merk of een duurdere uitvoering? Dan betaal je het verschil vaak zelf bij. Vraag bij het keukentafelgesprek altijd naar je keuzevrijheid, zodat je niet voor verrassingen komt te staan.
Wat gebeurt er met het hulpmiddel als mijn situatie verbetert of als ik verhuist?
WMO-hulpmiddelen zijn in de meeste gevallen eigendom van de gemeente en worden uitgeleend. Als je situatie verbetert, je verhuist naar een andere gemeente of je gaat wonen in een zorginstelling, moet je het hulpmiddel teruggeven. Bij verhuizing naar een andere gemeente moet je een nieuwe aanvraag indienen, omdat elke gemeente zijn eigen beleid hanteert. Geef wijzigingen in je situatie altijd tijdig door aan je gemeente om problemen te voorkomen.
Kan ik een WMO-hulpmiddel ook als persoonsgebonden budget (PGB) ontvangen?
Voor sommige WMO-voorzieningen, met name bij begeleiding en dagbesteding, is een persoonsgebonden budget mogelijk. Voor losse hulpmiddelen zoals rolstoelen of woningaanpassingen werkt de WMO echter vaker via een zogenaamde ‘verstrekking in natura’, waarbij de gemeente het hulpmiddel direct regelt. Of een PGB voor jouw specifieke hulpmiddel mogelijk is, verschilt per gemeente, dus vraag dit expliciet na bij het WMO-loket.
Hoe bereid ik me het beste voor op het keukentafelgesprek?
Een goede voorbereiding vergroot de kans dat je krijgt wat je nodig hebt. Schrijf van tevoren op welke dagelijkse activiteiten je niet meer zelfstandig kunt uitvoeren en waarom, en welke hulpmiddelen of aanpassingen je denkt nodig te hebben. Neem relevante medische documenten, zoals een brief van je huisarts of specialist, mee als onderbouwing. Nodig ook een vertrouwd familielid of mantelzorger uit om je te ondersteunen tijdens het gesprek.
Wat als ik niet wil wachten op de WMO-procedure en het hulpmiddel nu al nodig heb?
Als je niet kunt wachten op de uitkomst van de WMO-aanvraag, kun je het hulpmiddel in de tussentijd zelf aanschaffen of huren via een thuiszorgwinkel. Houd er rekening mee dat de gemeente de kosten niet met terugwerkende kracht vergoedt als je al zelf hebt betaald. Bij een spoedsituatie, zoals ontslag uit het ziekenhuis, kun je de gemeente vragen om een spoedprocedure in te starten zodat je sneller een beslissing ontvangt.
Gerelateerde artikelen
- Welke hulpmiddelen heb ik nodig om langer zelfstandig thuis te wonen?
- Hoe blijf ik zelfstandig wonen zonder afhankelijk te worden van mijn kinderen?
- Wanneer is een hoog-laag bed zinvol voor thuis?
- Welke hulpmiddelen voor ouderen vallen onder het basispakket?
- Wat zijn handige hulpmiddelen als je merkt dat je minder mobiel wordt?
- Hoe lang kan iemand met dementie nog zelfstandig thuis wonen?
- Hoe weet je of je ouder nog veilig alleen thuis kan wonen?
- Wat zijn oplossingen als traplopen steeds moeilijker wordt?
- Tot welke leeftijd kunnen ouderen gemiddeld zelfstandig thuis wonen?
- Wat helpt bij moeite met opstaan van het toilet?
- Hoe combineer je mantelzorg met werk en je eigen gezin?
- Hoe maak je de toegang tot je woning rollator- of rolstoelvriendelijk?
- Hoe maak je de badkamer veiliger voor ouderen?
- Hoe houd je je zelfredzaamheid zo lang mogelijk op peil?
- Hoe betrek je je ouder bij de keuze voor hulpmiddelen of aanpassingen?